Cabaretcollege

Column door Eefke Peeters
vrijdag 6 september 2019


Binnenkort start er bij de Weijer in Boxmeer een heus cabaretcollege. Het bestaat uit vier delen. Wanneer ik zo'n kop lees ga ik eerst zelf bedenken wat het zou kunnen zijn. Vind ik leuk, om te kijken of het klopt of dat mijn fantasie er iets compleet anders van maakt. Een mini cursus over hoe je cabaretier kan worden, dat is wat ik dacht. Vier avonden over bijvoorbeeld goede timing of mimiek. Ik denk dat iedereen het wel kent; een grap die je al honderd keer hebt gehoord en die dan door een cabaretier, in een net iets ander jasje, wordt vertelt en je gaat kapot. Terwijl wanneer ome Jan deze mop tapt je bijna in slaap valt.
Ik heb dat met de slimste mens, ik kom niet meer bij. Iedere aflevering. Niet de Nederlandse versie trouwens, maar de originele Slimste mens van de wereld, de Vlaamse variant met die droge presentator en de vaak hilarische Vlaamse gasten. Die man die een duif nadoet? Ik moet iedere keer huilen van het lachen, hoe vaak ik dit ook kijk (en jij? Check het hier).
Het is alles bij elkaar wat dit voor mij briljante humor maakt, terwijl de grap zelf waarschijnlijk net zo oud is als 'twee tieten in een envelop'.

Maar terug naar waar het hier om ging... Het gaat dus niet om een cursus: hoe laat ik mijn familie lachen op een saaie verjaardag, maar het wordt een interactief college waar zeker wel gelachen gaat worden. Het college wordt gegeven door Wieke Vrijhoef, de dame die normaal gesproken ook in het publiek zit of achter de schermen de boel in goede banen leidt. Zij duikt met ons de geschiedenis van het Nederlandse cabaret in. Ze gaat vier colleges geven die ook afzonderlijk de moeite waard zijn om te bezoeken. Ze gaat bijvoorbeeld vrouwen in cabaret bespreken, van absurdistisch tot stand up, de oudejaarsconference en ze begint met de grote 3: Wim Kan, Wim Sonneveld en Toon Hermans. Ik ben dol op Toon Hermans, voor mij het boegbeeld van hoe iets kleins en vederlicht zoveel meer kan raken dan iets wat met veel bombarie voorbij buldert.

Zoals mijn eeuwige favoriete gedichtje allertijden:

Geluk

Geluk is geen kathedraal,
misschien een klein kapelletje.
Geen kermis luid en kolossaal,
misschien een carrouselletje.
Geluk is geen zomer van smetteloos blauw,
maar nu en dan een zonnetje.
Geluk dat is geen zeppelin,
‘t is hooguit ‘n ballonnetje.

Wil jij het geluk hebben in het publiek te zitten tijdens het Cabaretcollege? Hier vind je er meer over!

advertentie